Als sporter verdacht van dopinggebruik? Dit is wat u kunt verwachten

Weinig mensen zullen het gebruik van doping in de sport toejuichen. Dat is ook logisch. Dopinggebruik tast de integriteit van een sport aan en het is bovendien een gevaar voor de (volks)gezondheid. Niet voor niets worden er daarom strenge straffen opgelegd aan sporters (en andere betrokkenen) die dopingregels overtreden. Uitsluiting van deelname aan sportwedstrijden van meerdere jaren is een reëel risico voor sporters die worden betrapt op dopinggebruik. Vaak leidt een dergelijke uitsluiting er zelfs toe dat de sportcarrière van een atleet eindigt. Dat is behoorlijk heftig, zeker wanneer wordt gerealiseerd dat niet alle sporters die worden veroordeeld ook daadwerkelijk doping hebben gebruikt. Én dan gaat het alleen nog om de tuchtrechtelijke gevolgen. Vaak heeft (vermeend) dopinggebruik ook gevolgen voor een eventueel dienstverband en soms behoort strafrechtelijke vervolging tot de mogelijkheden c.q. risico’s.

Wordt u als sporter verdacht van dopinggebruik? Lees dan snel verder!

In dit artikel zal ik uitgebreid ingaan op de tuchtrechtelijke zaken rondom doping. Daarbij beantwoord ik onder meer de volgende vragen:

  • Wat is doping?
  • Hoe verloopt een tuchtzaak over doping?
  • Wat zijn de (mogelijke) sancties? en
  • Wat kunt (en moet) u doen tegen een (onterechte) aanklacht?

Wat is doping?

Bijna alle internationale sportbonden en sportkoepels hebben zich onderworpen aan de code van de World Anti Doping Code (WADA Code). De WADA Code omschrijft doping als ‘een overtreding van de code’. Meer specifiek leveren volgende situaties een overtreding van de WADA Code op:

  • Er wordt een verboden stof aangetroffen in een monster van de sporter;
  • Er wordt een verboden stof of een verboden methode (bijvoorbeeld bloedtransfusies) door de sporter gebruikt of er wordt daartoe een poging gedaan;
  • De sporter werkt niet mee aan een dopingcontrole;
  • Een fout in de ‘whereabouts’ van de sporter levert ook een dopingovertreding op;
  • Er wordt gesjoemeld bij een dopingcontrole of met de resultaten daarvan;
  • De atleet (of iemand in een ondersteunende rol) beschikt over verboden middelen;
  • Het handelen in verboden stoffen;
  • Het toedienen van een verboden stof aan een andere atleet is in strijd met de WADA Code;
  • Het assisteren, bemoedigen of verzwijgen van dopinggebruik van anderen levert een overtreding op;
  • Het optrekken met personen die zijn geschorst wegens dopinggebruik; en
  • Het ontmoedigen van anderen om aangifte te doen bij de dopingautoriteiten is niet toegestaan.

De WADA publiceert regelmatig aangepaste lijsten waarop terug te vinden is welke stoffen en methoden verboden zijn volgens de WADA Code en wat de regels over de whereabouts van de atleten zijn.

In Nederland is de WADA Code (integraal) overgenomen door de Nederlandse Dopingautoriteit in het Dopingreglement. Ook de hiervoor bedoelde lijsten met verboden stoffen en verboden methoden zijn door de Dopingautoriteit (integraal) overgenomen. De Nederlandse Dopingautoriteit voert in Nederland bijna alle dopingcontroles uit. Wanneer er een (vermoedelijke) overtreding wordt geconstateerd van het Dopingreglement (en dus van de WADA Code) wordt dit door de Autoriteit doorgegeven aan het betreffende bondsbestuur en/of een speciale aanklager en zal er een tuchtprocedure starten.

Hoe verloopt een tuchtzaak over doping?

Hoe de tuchtprocedure precies verloopt kan per sportbond verschillen. Er zal in ieder geval een aanklacht volgen bij een tuchtcommissie. Tegen de beslissing van de tuchtcommissie kan (meestal) hoger beroep worden ingesteld bij de commissie van beroep. Wanneer er ook bij de commissie van beroep geen gewenst resultaat wordt bereikt (of er is bij de betreffende bond geen interne beroepsmogelijkheid), kan de zaak worden voorgelegd aan de Court of Arbitration for Sport (CAS) in Zwitserland.

De meeste Nederlandse sportbonden zijn aangesloten bij het Instituut voor Sportrechtspraak (ISR). De tuchtrechtelijke zaken over doping worden dan door het ISR behandeld in plaats van door de bond zelf. Wanneer een bond is aangesloten bij het ISR zal (in beginsel) een speciale aanklager de tuchtzaak bij de tuchtcommissie van het ISR aanhangig maken. In de procedure bij het ISR kan uiteraard verweer worden gevoerd en vervolgens wordt er een uitspraak gedaan door de tuchtcommissie. Tegen de beslissing van de tuchtcommissie kan in hoger beroep gegaan worden bij de commissie van beroep van het ISR, waarna de zaak nog aan het CAS kan worden voorgelegd.

Sancties op het overtreden van het dopingreglement

De sanctie op het overtreden van de dopingregels variëren afhankelijk van de soort overtreding. Als vuistregel kan echter worden gehanteerd dat er een uitsluiting van vier jaar wordt opgelegd wanneer er sprake is van een overtreding van het dopingreglement. Dat betekent dan dat de sporter die schuldig wordt bevonden aan dopinggebruik gedurende vier jaar zijn of haar sport niet meer (in wedstrijdverband) kan uitoefenen.

Er zijn een aantal mogelijkheden om aan een schorsing te ontkomen of om de duur van de uitsluiting te verkorten!

Wanneer de atleet kan aantonen dat hij of zij geen opzet had bij het overtreden van de dopingregels, dan wordt de schorsing verkort tot twee jaar. Wanneer een sporter kan bewijzen dat hij geen schuld heeft gehad (en ook niet nalatig is geweest) aan de overtreding van het dopingreglement, dan wordt er helemaal geen schorsing opgelegd. Voor deze verweren ligt de bewijslast bij de sporter. Als hoofdregel geldt dus dat er sprake is van een soort ‘risicoaansprakelijkheid’.

Aangeklaagd. En dan?

Wanneer u wordt aangeklaagd wegens een vermeende dopingovertreding is het verstandig om zo snel mogelijk contact op te nemen met een gespecialiseerde advocaat. Een gespecialiseerde advocaat kan u helpen om het benodigde bewijs te verzamelen en namens u het verweer te voeren in de tuchtprocedure(s) bij de tuchtcommissie, de commissie van beroep en het CAS. Bovendien zal er bij (vermeend) dopinggebruik ook veel aandacht van de media zijn, waardoor er ook imagoschade op de loer ligt. Het kan fijn zijn om ook daarvoor iemand te hebben die namens u het woord voert.

Dat het inschakelen van een gespecialiseerde advocaat kan helpen is in de praktijk al herhaaldelijk gebleken. Zo heeft de wielrenner Heras (na jarenlange procedures) een rechtszaak tegen de Spaanse wielrenbond gewonnen. Heras kreeg maar liefst een schadevergoeding van € 700.000,- toegewezen omdat er bij een dopingcontrole van de betreffende dopingautoriteit allerlei fouten waren gemaakt, waardoor er achteraf bezien nooit een schorsing opgelegd had mogen worden. Ook shorttrackster Yara van Kerkhof haalde haar gelijk in een slepende tuchtzaak over doping.

Meer weten?

Bent u aangeklaagd wegens een (vermeende) overtreding van het dopingreglement? Neem dan gerust vrijblijvend contact op met mr. Nick Poggenklaas. Dat kan telefonisch (072-512 13 00) of per e-mail (n.poggenklaas@vandiepen.com).

Nick is advocaat sportrecht bij Van Diepen Van der Kroef in Alkmaar en tuchtrechter bij het Nederlands Handbal Verbond. Nick heeft daarom veel ervaring met het sporttuchtrecht en met procedures bij de Court of Arbitration for Sport.