E-commerce-ondernemers: Welke bescherming biedt de P2B verordening tegen de grote platforms (Bol, Amazon, Zalando)

E-commerce ondernemers gebruiken steeds vaker platforms zoals Bol, Zalando of Amazon. Zo vergroot de ondernemer zijn bereik. Nadeel is dat de (kleinere) ondernemer is overgeleverd aan de wil van het (grotere) platform. Met de P2B verordening regelt de EU de verhouding tussen platforms en zakelijke verkopers. Dat beperkt de platformmacht aanzienlijk. Dit artikel gaat in op de belangrijkste rechten die de e-commerce ondernemer heeft op grond van de P2B verordening. En wat hij daar in de praktijk aan heeft.

De P2B verordening in de platformeconomie.

Platforms spelen een belangrijke rol in de online economie. Zij bieden ondernemers een enorm bereik op laagdrempelige wijze. Daarnaast bieden platforms voor consumenten gemakkelijk toegang tot een groot aantal ondernemers. In die zin vormen platforms de verbindende factor tussen de ondernemer en de cliënt. Dat zorgt voor veel economische meerwaarde. De EU wil voorkomen dat de grote platforms hun onderhandelingsmacht misbruiken tegenover de kleinere zakelijke verkopers. Daarom is op 20 juni 2020 de P2B verordening (EU/2019/1150) in werking getreden.

De P2B verordening is van toepassing op alle platforms die zakelijke gebruikers binnen de EU de mogelijkheid bieden om op afstand goederen of diensten aan te bieden. De goederen of diensten moeten normaal gesproken betaald zijn (daaronder valt ook betaling door middel van advertenties). De P2B verordening is dus van toepassing op platforms zoals Amazon, Bol.com, Zalando en App-stores, maar ook Youtube (influencers worden betaald door fabrikanten) en het Spotify (podcasts).

De P2B verordening kent rechten toe aan zakelijke gebruikers. Zakelijke gebruikers zijn natuurlijke of rechtspersonen die in een commerciële of professionele hoedanigheid optreden. Over het algemeen zullen e-commerce ondernemers onder deze definitie vallen. Hieronder staan de belangrijkste rechten die e-commerce ondernemers krijgen op grond van de P2B Verordening.

(1) Recht op duidelijke algemene voorwaarden

Algemene voorwaarden zijn (in dit kader) alle contractuele bepalingen die feitelijk eenzijdig door het platform worden bepaald. Het maakt dus niet uit welke naam aan een contract wordt gegeven. Als de zakelijke gebruiker in feite niet over kan onderhandelen over een contractvoorwaarde, dan is sprake van algemene voorwaarden. In de praktijk bieden platforms maar één standaardcontract aan de zakelijke gebruikers. Dat betekent dat de overeenkomst grotendeels bestaat uit algemene voorwaarden.

De algemene voorwaarden vormen dus de basis van de verhouding tussen de e-commerce ondernemer en het platform. De P2B verordening laat in beginsel de inhoud van de algemene voorwaarden vrij. De algemene voorwaarden moeten wél aan een aantal vereisten voldoen. De belangrijkste eisen worden hieronder genoemd.

De belangrijkste regel is dat algemene voorwaarden duidelijk en begrijpelijk moeten zijn. Dat wil zeggen dat ze niet vaag mogen zijn en specifiek moeten zijn. Open zinconstructies (“zoals”, “kan” “mogelijk”) moeten vermeden worden. Ook mogen de algemene voorwaarden niet misleidend zijn. Uitgangspunt is dat de zakelijke gebruiker redelijke voorspelbaarheid moet hebben ten aanzien van de belangrijkste aspecten van het contract.

De algemene voorwaarden moeten ook vermelden op grond van welke redenen een account (geheel) beëindigd of beperkt) mag worden. Omdat algemene voorwaarden in het algemeen duidelijk en helder moeten zijn, mag er van het platform verwacht worden dat de gronden voor beëindiging ook specifiek uitgewerkt worden.

Tot slot moet een wijziging van de algemene voorwaarden altijd aangekondigd worden.

Belangrijk is dat het platform het risico draagt dat algemene voorwaarden niet aan de P2B verordening voldoen. Bijvoorbeeld omdat ze onduidelijk zijn. Als de algemene voorwaarden niet voldoen aan de P2B verordening dan zijn ze nietig en gelden ze dus niet. Omdat “onduidelijk” een rekbaar begrip is, lopen de platforms met name op dat aspect een groot risico en zullen zij (hopelijk) zo duidelijk mogelijke algemene voorwaarden opstellen. Tegelijkertijd heeft de e-commerce ondernemer daarmee een sterk argument in een eventuele procedure tegen het platform.

(2) Duidelijkheid over rangschikking en concurrentie met eigen producten

Platforms gebruiken vaak een zoekmachine die met een algoritme zakelijke gebruikers in een bepaalde volgorde rangschikt. Bijvoorbeeld Bol.com gebruikt het koopblok om te bepalen welke handelaar een aanbod kan doen aan de consument. Zo hoeft de consument niet te kiezen uit meerdere handelaars die hetzelfde product aanbieden. In plaats daarvan krijgt de consument altijd het beste aanbod te zien.

De P2B verordening verplicht platforms om transparant te zijn over de belangrijkste parameters van hun algoritme. Voor e-commerce ondernemers is het namelijk belangrijk te weten hoe hij zo hoog mogelijk in de zoekresultaten kan komen. Het platform hoeft niet in detail de werking van het algoritme toe te lichten, dat is namelijk vaak bedrijfsgevoelige informatie. Wél moet het platform de belangrijkste parameters noemen en waarom die parameters belangrijk zijn. Net als de rest van de algemene voorwaarden moet die uitleg duidelijk en begrijpelijk zijn.

Platforms concurreren vaak direct met hun eigen zakelijke gebruikers. Bijvoorbeeld Bol.com biedt haar eigen producten aan naast de producten van zakelijke gebruikers. Dat kan natuurlijk tot oneerlijke concurrentie leiden als een platform haar eigen producten voortrekt. De P2B verordening verbiedt zo’n voorkeursbehandeling niet. Wél moeten platforms in hun algemene voorwaarden duidelijk uitleggen of én waarom zij hun eigen productaanbod anders behandelen dan het aanbod van zakelijke gebruikers. De gedachte achter deze regel is dat een platform in principe vrij is om haar eigen beleid te bepalen, maar dat de zakelijke gebruiker wel op voorhand moet weten of het zinvol is om met een bepaald product te concurreren.

(3) Geschilbeslechting (P2B Verordening)

De P2B Verordening verplicht platforms ook om een deugdelijk intern klachtensysteem op te zetten. Zakelijke gebruikers moeten zo op effectieve wijze kunnen klagen over het functioneren van het platform. Een klachtensysteem moet ook aan bepaalde vereisten voldoen. Zo moeten klachten binnen een redelijke termijn behandeld worden. Bovendien moeten klachten ook serieus behandeld worden. Dat betekent dat het klachtensysteem geen wassen neus mag zijn. Door een effectief klachtensysteem kunnen de zakelijke gebruikers op een laagdrempelige manier misstanden aan de kaak stellen.

Daarnaast moeten platforms mediation aanbieden. Mediation houdt in dat een onafhankelijke partij (de mediatior) probeert om samen met partijen tot een oplossing te komen. De mediator onderzoekt wat de onderliggende belangen van beide partijen zijn en probeert zo raakvlakken te vinden tussen de partijen. Mediation is altijd vrijwillig. Dat betekent dat partijen niet hoeven mee te werken (behalve in dit geval de platforms) en dat partijen niet tot een overeenkomst hoeven te komen. Als een regeling wordt bereikt, dan is die natuurlijk wel bindend. Mediation kan dus een laagdrempelig middel zijn om tot een oplossing te komen. Echter, mediation werkt alleen als alle partijen graag tot een oplossing willen komen.

Met het klachtensysteem en de mogelijkheid tot mediation, wil de EU een alternatief bieden voor juridische procedures. Voor de ondernemer is dat prettig, want procedures zijn vaak kostbaar én gaan ten koste van de relatie. Vooral als het platform in het buitenland gevestigd is (bijvoorbeeld Amazon is in Luxemburg gevestigd), dan kan een juridische procedure te kostbaar zijn voor de ondernemer. In dat geval is de alternatieve geschilbeslechting dus een goede oplossing. Het nadeel is dat de klachtenprocedure en mediation niet volledig onafhankelijk is.

Juridisch advies P2B verordening

De P2B verordening biedt de e-commerce ondernemer de nodige handvatten om op te treden tegen platforms. Dat is belangrijk omdat steeds meer ondernemers afhankelijk worden van deze platforms. Laat u wel altijd goed adviseren. Vragen? Neem contact op met Stephan Mulders, advocaat Intellectuele Eigendomsdomsrecht, ICT & Media in Amsterdam of e-mail hem direct via s.mulders@vandiepen.com.